All of Bach: een project van de Nederlandse Bachvereniging

Erfreute Zeit im neuen Bunde

BWV 83 uitgevoerd door de Nederlandse Bachvereniging onder leiding van Shunske Sato
Waalse Kerk, Amsterdam

"Er moet een prikkel van buiten zijn geweest om zo'n ongewone cantate te schrijven."

De viool van Pisendel?

Ongewone virtuositeit in een cantate uit 1724.

Tijdens zijn eerste jaar als cantor van de Thomaskirche in Leipzig schreef Bach relatief eenvoudige vioolpartijen in zijn cantates. Op 2 februari 1724, het feest van Maria Lichtmis, kwam hier drastisch verandering in: de cantate Erfreute Zeit im neuen Bunde begint met een triomfantelijke alt-aria waarin Bach voor een opvallend rijke orkestbezetting kiest, met naast het strijkersensemble twee hobo’s, twee hoorns en een soloviool die een extreem beweeglijke partij te verstouwen krijgt. Welke violist zou deze veeleisende muziek gespeeld kunnen hebben? De Nederlandse musicoloog Pieter Dirksen is op onderzoek uitgegaan en heeft de hypothese opgeworpen dat het Johann Georg Pisendel (1687-1755) kan zijn geweest. Dirksen vindt de violist Shunske Sato aan zijn zijde: “Het is een onderbuikgevoel, zoals je een goede pastasaus herkent.” Pisendel was het grootste deel van zijn leven werkzaam als kapelmeester aan het hof van Dresden en als vioolvirtuoos gold hij als de muzikale trots van Duitsland.

De openingsaria klinkt bijna als een instrumentale sinfonia met toegevoegde zangstem; wie de alt wegdenkt, houdt een ‘Brandenburgs’ concert over. In zijn latere cantates voor Maria Lichtmis, zoals Ich habe genung, BWV 82, sloeg Bach een mildere toon aan. Meer dan op de reiniging van Maria ging de evangelielezing van deze dag in op de presentatie van Jezus in de tempel en de oude Simeon die klaar is om te sterven nadat hij het goddelijk kind in de armen heeft mogen nemen (Lucas 2). De lutherse gelovigen betrokken de bereidheid om te sterven graag op zichzelf.

In de derde aria, Eile, Herz, voll Freudigkeit voor tenor, vervult de soloviool opnieuw een prominente rol, met voortijlend passagespel dat de tekst haarfijn illustreert. Strijkers begeleiden, de blazers zwijgen hier. De soloviool speelt een met huppelende triolen aangeklede versie van de eerste vioolpartij, anders gezegd: de eerste violen spelen slechts de hoofdnoten van de soloviool (telkens de eerste noot van de triool).

De tussenliggende bas-aria is bepaald ongewoon in Bachs oeuvre. De solist zingt verzen uit de Lofzang van Simeon en schakelt tussentijds over op een recitatief. De begeleiding is voor strijkers unisono en basso continuo. Een kort recitatief en een koraal besluiten de cantate.

locatie en orgel
Deze opname is gemaakt in de Waalse Kerk, midden op de Amsterdamse Wallen. Deze kerk heeft niet alleen een goede akoestiek, maar is dankzij het Müller-orgel uit 1739 een bedevaartsoord voor organisten.
Organist Leo van Doeslaar: “Dit is een van de mooiste kleine barokorgels in Nederland. Gustav Leonhardt was van 1959 tot 1982 organist in de Waalse Kerk. Hij heeft het orgel al in de jaren zestig laten restaureren op een historisch verantwoorde wijze. Het is echt een pioniersorgel.” Bij deze uitvoering gebruiken we ook daadwerkelijk dit ‘grote’ orgel. Een kistorgel is een anachronisme dat in Bachs tijd nooit gebruikt werd.
“In Bachs kerkmuziek speelde het grote kerkorgel altijd de continuopartijen. Met in principe dezelfde zachte registratie als bij een kistorgel, alleen de veel wijder gemensureerde fluiten van het kerkorgel vormen een wezenlijker bestanddeel van de klankkleur van een barokensemble. In koralen en koren werd in de barokperiode ook gebruik gemaakt van sterkere registers en de baslijn op het pedaal meegespeeld. Met een 16-voets register, in de ligging van de contrabas. Dat het nooit eerder zo gedaan is, is eigenlijk een van de ongewilde vervalsingen van de benadering van de historische klank,” aldus organist Leo van Doeselaar.  


BWV
83

Titel
Erfreute Zeit im neuen Bunde

Genre
cantate

Jaartal
1724

Stad
Leipzig

Tekstdichter
onbekend, slotkoraal Martin Luthers Mit Fried und Freud (1524)

Bestemming
Maria Lichtmis

Eerste uitvoering
2 februari 1724

Bijzonder
Vioolpartij geschreven voor sterviolist Pisendel?

Cast & Crew

Publicatiedatum 2 februari 2018
Opnamedatum 21 januari 2017
Locatie Waalse Kerk, Amsterdam
Viool en leiding Shunske Sato
Alto Robin Blaze
Tenor Daniel Johannsen
Bas Stephan MacLeod
Ripiënist sopraan Marjon Strijk
viool 1 Sayuri Yamagata, Lidewij van der Voort
viool 2 Annelies van der Vegt, Paulien Kostense, Anneke van Haaften
altviool Staas Swierstra, Jan Willem Vis
cello Lucia Swarts, Ruth Verona
contrabas Robert Franenberg
hobo Martin Stadler, Peter Frankenberg
fagot Benny Aghassi
Hoorn Anneke Scott, Jocelyn Lightfoot
orgel Leo van Doeselaar
klavecimbel Siebe Henstra
Regie en beeldmontage Bas Wielenga
muziekopname Guido Tichelman, Bastiaan Kuijt, Pim van der Lee
Audiomontage -en mix Guido Tichelman
Camera Merijn Vrieling, Martin Struijf, Chris Reichgelt, Thijs Struick
Camera stagiair Klazina Westra
Licht Zen Bloot
Lichtassistent Henry Rodgers, Teun Pulles
Regieassistent Ferenc Soetman
Beeldtechniek Vincent Nugteren
Stagiair beeldtechniek Jildert Hof
Settechniek Justin Mutsaers
Datahandling Jesper Blok
Projectmanager NEP Peter Ribbens
Interview Onno van Ameijde
Productie concert Imke Deters
productie film Jessie Verbrugh

Vocale teksten

Origineel

1. Arie (Alt)

Erfreute Zeit im neuen Bunde,
da unser Glaube Jesum hält.
Wie freudig wird zur letzten Stunde
die Ruhestatt,
das Grab bestellt!

2. Arie (Bass)

Herr, nun lässest du deinen Diener
in Friede fahren,
wie du gesaget hast.
Was uns als Menschen
schrecklich scheint,
ist uns ein Eingang zu dem Leben.
Es ist der Tod ein Ende
dieser Zeit und Not,
ein Pfand, so uns der Herr gegeben
zum Zeichen,
dass er's herzlich meint
und uns will nach vollbrachtem Ringen
zum Frieden bringen.
Und weil der Heiland nun
der Augen Trost,
der Herzen Labsal ist,
was Wunder, dass ein Herz
der Todesfrucht vergisst!
Es kann erfreut den Ausspruch tun:
denn meine Augen haben
deinen Heiland gesehen,
welchen du bereitet hast
vor allen Völkern.
Lucas 2:29-31

3. Arie (Tenor)

Eile, Herz, voll Freudigkeit
vor den Gnadenstuhl zu treten.
Du sollst deinen Trost empfangen
und Barmherzigkeit erlangen,
ja, bei kummervoller Zeit,
stark am Geiste, kräftig beten.

4. Rezitativ (Alt)

Ja, merkt dein Glaube
noch viel Finsternis,
dein Heiland kann der Zweifel
Schatten trennen;
ja, wenn des Grabes Nacht
die letzte Stunde schrecklich macht,
so wirst du doch gewiss
sein helles Licht
im Tode selbst erkennen.

5. Choral

Er ist das Heil und selig Licht
für die Heiden,
zu erleuchten die dich kennen nicht,
und zu weiden.
Er ist deins Volks Israel
der Preis, Ehr, Freud und Wonne.
Martin Luther, 1524


Vertaling

1. Aria

Heuglijke tijd in de nieuwe verbintenis,
die ons geloof met Jezus heeft.
Hoe vreugdevol wordt in het laatste uur
de rustplaats,
het graf, ingericht.

2. Aria

Heer, nu laat u uw dienaar
in vrede heengaan,
zoals u gezegd heeft.
Wat ons als mensen
afschrikt,
is ons een ingang tot het leven.
De dood is een einde
van deze tijd en nood,
een onderpand, dat de Heer ons gaf
als teken
dat hij het van harte meent met ons
en ons na alle worstelingen
vrede brengt.
En omdat de verlosser
troost voor de ogen is
en lafenis voor het hart,
wat een wonder,
dat een hart alle doodsvrees vergeet!
Het kan verheugd zeggen:
mijn ogen hebben immers
de verlosser gezien,
die gij voor alle volken
gezonden hebt.


3. Aria

Haast je, hart, om verheugd
voor de genadetroon aan te treden.
Je zult je troost ontvangen
en barmhartigheid,
ja, in kommerlijke tijden,
sterk van geest, krachtig bidden.

4. Recitatief

Ja, kent je geloof
nog veel duisternis,
je verlosser kan de schaduw
van twijfel verjagen;
ja, als de nacht van het graf
het laatste uur een uur van angst maakt,
dan zul je toch zeker
zijn helder licht
in de dood zelf herkennen.

5. Koraal

Het heil en zalig licht is er
om de heidenen te verlichten,
die jou niet kennen,
en om hen te weiden.
Het is de ereprijs voor uw volk Israël,
de eer en zaligheid.




Print

Deze werken vind je misschien ook mooi