All of Bach: een project van de Nederlandse Bachvereniging

'Franse' suite nr. 5 in G groot

BWV 816 uitgevoerd door Francesco Corti
in het Huis Bartolotti, Amsterdam

"In deze 'Franse' suite neigt Bach meer naar de Italiaanse stijl."

Italiaanse lyriek in een Frans keurslijf

Zelfs in de Sarabande krijgt de melodie de bovenhand.

De vijfde ‘Franse’ suite is de meest zangerige en galante van de zes. De meest Italiaanse, zegt klavecinist Francesco Corti. Dat is meteen hoorbaar in de Allemande. Maar zelfs in de Sarabande, een stuk waarin Bach meestal op zoek gaat naar harmonische expressie, krijgt de melodie de bovenhand. Deze Sarabande zou zomaar een adagio uit een Italiaanse sonate kunnen zijn. De rechterhand speelt een prachtig versierde melodie en de linkerhand voorziet in de begeleiding. De versieringen zijn in twee varianten uitgeschreven in diverse manuscripten. Francesco Corti maakt dankbaar gebruik van allebei, waarbij hij de meest exuberante variant voor het da capo bewaart.

De relatief ongecompliceerde Gavotte is met haar aanstekelijke melodie een grote favoriet bij het publiek. In de Bourrée schakelt Bach een tandje hoger aan de hand van een extreem beweeglijke linkerhand, die onder het simpele ritme van de rechterhand door raast.

In deze suite voegt Bach een extra dans toe, een Loure, volgens Corti een soort van langzaam menuet. Bach gebruikte deze dansvorm zelden. Er is maar één ander exemplaar overgeleverd, in de Derde vioolpartita, BWV 1006. Mogelijk heeft Bach de Loure in deze suite later weer geschrapt, want in latere kopieën komt dit deel niet meer voor.

De Gigue die deze suite afsluit is een van de meest uitgebreide van Bach. De maatsoort (12/16) vraagt om een snel tempo. Maar het is niet alleen maar hard en snel. Het stuk is eigenlijk een redelijk volmaakte tweestemmige fuga. In het tweede deel wordt het thema gespiegeld en laat Bach het plaatsnemen in een adembenemende harmonische achtbaan.

‘Franse’ suites, BWV 812-817
Bach componeerde zijn ‘Franse’ suites als jonge dertiger toen hij werkzaam was aan het hof van Köthen. Maar met het hof hebben de suites niks te maken. Bach schreef ze voor didactisch gebruik in zijn eigen huiselijke kring. De eerste vijf komen in hun oorspronkelijke vorm voor in het muziekboekje dat hij in 1722, mogelijk als huwelijksgeschenk, samenstelde voor zijn tweede vrouw Anna Magdalena. Maar Bach bleef de stukken herwerken. De latere versies, aangevuld met een zesde suite, zijn overgeleverd dankzij de vele kopieën van leerlingen. Het zijn dankbare oefenstukken die ondanks een zekere compositorische complexiteit – het blijft Bach – geen extreme eisen stellen aan de speler.

De benaming ‘Frans’ stamt niet van Bach zelf en duikt voor het eerst op in een tekst uit 1762, twaalf jaar na Bachs dood. De stukken zijn ook niet per se meer Frans dan zijn andere suites voor klavier, net zomin als de eerder gecomponeerde ‘Engelse’ suites Engels van karakter zijn. Sterker nog, in zekere zin volgen de ‘Engelse’ suites, met hun uitgebreide preludes, meer het Franse model. Maar zoals meestal spreekt Bach hier een kosmopolitische taal, een geniale synthese van verschillende Europese stijlen.

De ‘Franse’ suites hebben geen prelude maar beginnen meteen met de eerste dans: een allemande. Daarna volgt het klassieke rijtje van courante, sarabande en gigue, met tussen de sarabande en de gigue een wat vrijere invulling, gaande van het menuet en de gavotte, tot de bourrée en de zeldzame loure.

Opnamelocatie: het Huis Bartolotti
Deze opname is gemaakt in het Huis Bartolotti, Herengracht 170 en 172.  In het achterhuis van nr. 170 woonde en werkte van 1974 tot aan zijn dood in 2012 klavecinist, organist en dirigent Gustav Leonhardt. Leonhardt was een van de pioniers van de oudemuziekpraktijk in Nederland en is als docent en inspiratiebron bepalend geweest voor veel klavecinisten.

Het Huis Bartolotti is een van de meest imposante panden in de Amsterdamse Grachtengordel. Het werd omstreeks 1620 als woonhuis gebouwd in opdracht van de schatrijke zakenman Willem van den Heuvel, die veel geld had geërfd van een kinderloze aangetrouwde oom die uit Bologna kwam en Giovanni Battista Bartolotti heette. Het ontwerp, in Hollandse Renaissance-stijl, was hoogstwaarschijnlijk afkomstig van de Amsterdamse stadsarchitect Hendrick de Keyser.

Door de eeuwen heen onderging het huis een splitsing en verschillende moderniseringen. Prachtige historische versieringen van de verschillende renovaties zijn nog steeds zichtbaar. Het Huis Bartolotti kwam in twee delen in bezit van Vereniging Hendrick de Keyser, die er thans haar kantoor heeft.


BWV
816

Titel
Suite in G groot

Bijnaam
‘Franse’ suite nr. 5

Genre
klavierwerk

Serie
‘Franse’ suites / Klavierbüchlein für Anna Magdalena Bach

Jaartal
ca. 1722

Stad
Köthen

Cast & Crew

Publicatiedatum 15 juni 2018
opnamedatum 28 januari 2017
Locatie Huis Bartolotti, Amsterdam
Klavecinist Francesco Corti
klavecimbel Bruce Kennedy naar Michael Mietke, 1989
Regie Gijs Besseling
Muziekopname Guido Tichelman, Pim van der Lee
Audiomontage- en mix Guido Tichelman
Camera en licht Gijs Besseling, Nina Badoux
Datahandling Eline Eestermans
Interview Jan Van den Bossche
Productie Jessie Verbrugh

Vocale teksten

Origineel

Vertaling

Print

Deze werken vind je misschien ook mooi