Jesus schläft, was soll ich hoffen

Origineel

1. Arie (Alt)

Jesus schläft, was soll ich hoffen?
Seh ich nicht
mit erblasstem Angesicht
schon des Todes Abgrund offen?

2. Rezitativ (Tenor)

Herr! Warum trittest du so ferne?
Warum verbirgst du dich zur Zeit der Not,
da alles mir ein
kläglich Ende droht?
Ach, wird dein Auge nicht
durch meine Not beweget
so sonsten nie zu schlummern pfleget?
Du wiesest ja mit einem Sterne
vordem den neubekehrten Weisen,
den rechten Weg zu reisen.
Ach leite mich durch deiner Augen Licht,
weil dieser Weg
nichts als Gefahr verspricht.

3. Arie (Tenor)

Die schäumenden Wellen
von Belials Bächen
verdoppeln die Wut.
Ein Christ soll zwar wie Wellen stehn,
wenn Trübsalswinde um ihn gehn,
doch suchet die stürmende Flut
die Kräfte des Glaubens
zu schwächen.

4. Arioso (Bass)

Ihr Kleingläubigen,
warum seid ihr so furchtsam?

5. Arie (Bass)

Schweig, aufgetürmtes Meer!
Verstumme, Sturm und Wind!
Dir sei dein Ziel gesetzet,
damit mein auserwähltes Kind
kein Unfall je verletzet.

6. Rezitativ (Alt)

Wohl mir, mein Jesus spricht ein Wort,
mein Helfer ist erwacht,
so muss der Wellen Sturm,
des Unglücks Nacht
und aller Kummer fort.

7. Choral

Unter deinen Schirmen
bin ich für den Stürmen
aller Feinde frei.
Lass den Satan wittern,
Lass den Feind erbittern,
Mir steht Jesus bei.
Ob es itzt gleich kracht und blitzt,
ob gleich Sünd und Hölle schrecken,
Jesus will mich decken.



Vertaling

1. Aria

Jezus slaapt, wat moet ik hopen?
Zie ik niet al
met doodsbleek gezicht
de afgrond van de dood open?

2. Recitatief

Heer! Waarom blijft u zo ver weg?
Waarom verbergt gij u in tijd van nood
waar mij een totaal
ellendig einde bedreigt?
Ach, als u mijn nood zou zien
zou u toch zeker
geen oog dicht doen?
U wees immers met een ster
de nieuw-bekeerde wijzen
de goede weg te reizen.
Ach leid mij door het licht van uw ogen
omdat deze weg een en
al gevaar is.

3. Aria

De schuimende golven van
Belials beken
verdubbelen hun woeden.
Een Christen moet wel als een rots staan
als de winden van tegenspoed om hem heen gieren, dan probeert de aanstormende vloed de krachten van het geloof
te verzwakken.

4. Arioso

Gij kleingelovigen,
waarom zijt gij zo bevreesd?

5. Aria

Zwijg, torenhoge zee!
Verstom, storm en wind!
Op je plaats,
opdat geen ongeluk
mijn uitverkoren kind verwondt.

6. Recitatief

Gelukkig, mijn Jezus spreekt een woord,
mijn helper is ontwaakt.
Dan moet de storm van golven,
de nacht van ongeluk
en alle smart verdwijnen.

7. Koraal

Onder uw hoede
ben ik voor de stormen
van alle vijanden vrij.
Laat de satan woeden,
laat de vijand tieren,
Jezus staat mij bij.
Of het nu tegelijk kraakt en bliksemt
of zonde en hel mij verschrikken,
Jezus zal mij beschermen.