All of Bach: een project van de Nederlandse Bachvereniging

15 inventies

BWV 772-786 uitgevoerd door Johannes Asfaw, Kanji Daito, Evander Eijsink, Domonkos Hegyi, Anna Kuvshinov, Frank Monster, Peiting Xue en David Zielman
Ottone, Utrecht

Speciaal voor All of Bach leerden klavecinisten Siebe Henstra, Menno van Delft, Pieter-Jan Belder en Tineke Steenbrink de acht toptalenten in drie maanden klavecimbel spelen.

Een van de vier masters, Siebe Henstra, over de 15 inventies.

Jong geleerd

Bach maakte het zijn leerlingen al in hun eerste lessen niet gemakkelijk.

Een inventie of uitvinding, een geniale vondst… geen muziekstuk kan zonder. Maar de naam inventie wordt ook gebruikt voor een heel speciaal genre met een kleurrijke geschiedenis, waar ook Bachs 15 korte klavierstukken toe behoren.

Net als de ricercares van de renaissance en de vroege barok zijn ook Bachs 15 inventies experimenten – hier wel heel bondig – rond een muzikaal idee, een thema, een nieuwe manier om lijnen te combineren. In piepkleine doses maakt de speler zo kennis met de werking van muziek en met Bachs genie.

Bachs 15 inventies staan in het leerboek, het Klavierbüchlein, dat Bach rond 1720 samenstelde voor zijn oudste zoon Wilhelm Friedemann. Drie jaar later onderstreept hij nog eens zijn didactische opzet: de leerling zal zich kunnen trainen in het tweestemmig spel, leren omgaan met muzikale ideeën en zal een voorproefje krijgen van compositie. De 15 inventies waren dan ook de eerste stap in Bachs klaviermethode. Na de inventies volgen in het Klavierbüchlein de Franse en Engelse suites om af te sluiten met Das Wohltemperirte Clavier.

Imitatie domineert in de 15 inventies, zoals te verwachten valt in tweestemmige barokmuziek. Tweestemmigheid is immers de eenvoudigste vorm van contrapunt. Bach bouwde zijn methode vervolgens zorgvuldig op. In het studieboek voor Wilhelm Friedemann organiseerde hij de inventies op thema: de eerste drie (nummers 1, 4 en 7) zijn gebaseerd op de toonladder, de volgende drie (nummers 8, 10, 11) op gebroken akkoorden, gevolgd door een combinatie van beide in Inventie nummer 14, die qua vorm bijna een fuga is.

De volgorde in Bachs latere, definitieve manuscript uit 1723 sluit echter aan bij de systematiek van het klavier. Net als later in Das Woltemperirte Clavier is de volgorde chromatisch, afwisselend in majeur en mineur. Wel liet Bach de moeilijkste toonsoorten met veel kruisen of mollen weg. Die kreeg de beginnende klavierspeler pas later op zijn bord.

Het Inventionen-project wordt ondersteund door de Rabobank. De bank ondersteunt al vele jaren actief de culturele sector. Door het partnership met de Nederlandse Bachvereniging en het project All of Bach kan iedereen op een laagdrempelige manier kennis maken met klassieke muziek en met Bach in het bijzonder.


BWV
772-786

Titel
15 inventies

Genre
klavierwerk (solowerk)

Jaartal
1720-1723

Stad
Köthen

Bijzonder
Opgenomen in het Klavierbüchlein für Wilhelm Friedemann Bach. Deze vroegste bron van de inventies kwam pas in 1932 publiek beschikbaar. Alle edities tot die tijd baseerden zich op de autograaf van 1723.

Cast & Crew

Publicatiedatum 22 april 2016
Opnamedatum 16 april 2016
Locatie Ottone, Utrecht
Klavecimbel Bruce Kennedy naar Michael Mietke
Klavecinisten Johannes Asfaw, Kanji Daito, Evander Eijsink, Domonkos Hegyi, Anna Kuvshinov, Frank Monster, Peiting Xue en David Zielman
masters Pieter-Jan Belder, Menno van Delft, Siebe Henstra, Tineke Steenbrink
CAMERAREGIE EN MONTAGE Lucas van Woerkum
Camera Maarten van Rossem, Robert Berger, Richard Spierings
Camera-assistentie Luuk Walschot
MUZIEKOPNAME Guido Tichelman, Bastiaan Kuijt
MUZIEKMONTAGE EN –MIX Guido Tichelman
Licht Zen Bloot
documentaire en interview Gijs Besseling, Noah Pepper
projectleider Hanna Schreuders
Productie concert Imke Deters
Productie Jessie Verbrugh
met dank aan Rabobank

Vocale teksten

Origineel

Vertaling

Print

Deze werken vind je misschien ook mooi