All of Bach: een project van de Nederlandse Bachvereniging

Sehet, wir gehn hinauf gen Jerusalem

BWV 159 uitgevoerd door de Nederlandse Bachvereniging onder leiding van Jos van Veldhoven
Waalse Kerk, Amsterdam

Deze cantate doet Jos van Veldhoven in meerdere opzichten aan de Matthäus-Passion denken.

mini-passie

Een cantate met groot orgel en slechts vier zangers.

Dit stuk ademt de sfeer van Bachs Matthäus- en Johannes-Passion. In een prachtige dialoog vertelt Jezus dat hij naar Jeruzalem gaat. De ziel (een alt) probeert hem te waarschuwen: pas op, daar staat je kruis al klaar! Overgave en lijden staan centraal, en dat roept emotie op.
Alt Alex Potter denkt dat zo’n duet een schok geweest moet zijn voor de kerkgangers in Leipzig. “In de negentiende eeuw ontstond het beeld van Bach als vrome vader van kerkmuziek. Maar gezongen dialogen werden in Bachs tijd vooral met opera geassocieerd, en zullen de vroomste gelovigen tegen de borst hebben gestoten.” 

Deze cantate is geschreven voor de laatste zondag vóór de vastentijd. In de laatste aria zingt de bas ‘Es ist vollbracht’. Alex Potter: “Dit is natuurlijk geen tragische afloop: met de kruisiging is Gods plan volbracht. Let op de strijkers: die vormen een soort aureool, zoals Christus die ook in de Matthäus-Passion had maar aan het kruis kwijtraakte. Nu is de aureool teruggekeerd, want Jezus heeft de dood overwonnen en verlossing gebracht.” 

vier solisten
We voeren deze cantate uit met maar vier zangers. Ze komen allemaal solistisch aan bod en sluiten het stuk af met een gezamenlijk slotkoraal. In sommige uitvoeringen zingen in zo’n vierstemmig slotstuk extra zangers mee, zodat een klein koor ontstaat. Hoe Bach dat zelf deed, weten we niet. Hij geeft nergens aan hoeveel zangers hij wilde inzetten.
In deze uitvoering kiezen we voor vier solisten. De lijnen worden dan expressiever en je hoort meer detail. “Als er in Bachs muziek een twee- of driestemmig stuk staat, denkt niemand er aan om dat met meerdere stemmen per partij te bezetten. Maar als het vierstemmig is, zou er ineens wel een koor moeten zijn. Ik vind in zo’n verder klein bezette cantate de keuze voor slechts vier zangers heel goed te verantwoorden,” aldus artistiek leider en dirigent Jos van Veldhoven.

locatie en orgel
Deze opname is gemaakt in de Waalse Kerk, midden op de Amsterdamse Wallen. Deze kerk heeft niet alleen een goede akoestiek, maar is dankzij het Müller-orgel uit 1739 een bedevaartsoord voor organisten.
Organist Leo van Doeslaar: “Dit is een van de mooiste kleine barokorgels in Nederland. Gustav Leonhardt was van 1959 tot 1982 organist in de Waalse Kerk. Hij heeft het orgel al in de jaren zestig laten restaureren op een historisch verantwoorde wijze. Het is echt een pioniersorgel.” Bij deze uitvoering gebruiken we ook daadwerkelijk dit ‘grote’ orgel. Een kistorgel is een anachronisme dat in Bachs tijd nooit gebruikt werd.
“In Bachs kerkmuziek speelde het grote kerkorgel altijd de continuopartijen. Met in principe dezelfde zachte registratie als bij een kistorgel, alleen de veel wijder gemensureerde fluiten van het kerkorgel vormen een wezenlijker bestanddeel van de klankkleur van een barokensemble. In koralen en koren werd in de barokperiode ook gebruik gemaakt van sterkere registers en de baslijn op het pedaal meegespeeld. Met een 16-voets register, in de ligging van de contrabas. Dat het nooit eerder zo gedaan is, is eigenlijk een van de ongewilde vervalsingen van de benadering van de historische klank,” aldus organist Leo van Doeselaar.  


BWV
159

Titel
Sehet, wir gehn hinauf gen Jerusalem

Genre
cantate

Jaartal
1729

Stad
Leipzig

Tekstdichter
Christian Friedrich Henrici (Picander)

Bestemming
zondag Estomihi (de laatste zondag voor de vastentijd begint)

Eerste uitvoering
27 februari 1729?

Cast & Crew

Publicatiedatum 14 juli 2017
Opnamedatum 22 oktober 2016
Locatie Waalse Kerk, Amsterdam
Dirigent Jos van Veldhoven
sopraan Miriam Feuersinger
alt Alex Potter
tenor Thomas Hobbs
bas Stephan MacLeod
viool 1 Shunske Sato, Pieter Affourtit, Anneke van Haaften, Hanneke Wierenga
viool 2 Sayuri Yamagata, Paulien Kostense, Annelies van der Vegt
altviool Staas Swierstra, Jan Willem Vis
cello Lucia Swarts, Richte van der Meer
contrabas Robert Franenberg
Hobo Martin Stadler
fagot Benny Aghassi
orgel Leo van Doeselaar
klavecimbel Siebe Henstra
Regie Bas Wielenga
Regieassistent Ferenc Soetman
muziekopname Guido Tichelman, Bastiaan Kuijt, Pim van der Lee
Audiomontage -en mix Guido Tichelman
Camera Bart ten Hakel, Merijn Vrieling, Ivo Palmen, Chris Reichgelt
Camera stagiair Klazina Westra
Licht Zen Bloot
Lichtassistent Patrick Galvin, Henry Rodgers
Beeldtechniek Vincent Nugteren
Settechniek Justin Mutsaers
Datahandling Jesper Blok
Projectmanager NEP Jochem Timmerman
projectvoorbereiding NEP Peter Ribbens
Productie concert Imke Deters
productie film Jessie Verbrugh
Interview Gijs Besseling

Vocale teksten

Origineel

1. Arioso (Jesus) und Rezitativ (Seele)

Sehet,
Komm, schaue doch, mein Sinn,
Wo geht dein Jesus hin?
wir gehn hinauf
O harter Gang! Hinauf?
O ungeheurer Berg,
den meine Sünden zeigen!
Wie sauer wirst du müssen steigen!
gen Jerusalem.
Ach, gehe nicht!
Dein Kreuz ist dir schon zugericht',
wo du dich sollt zu Tode bluten.
Hier sucht man Geisseln vor,
dort bindt man Ruten;
Die Bande warten dein.
Ach, gehe selber nicht hinein!
Doch bliebest du zurücke stehen,
so müsst ich selbst
nicht nach Jerusalem,
ach, leider in die Hölle gehen.

2. Arie mit Choral (Sopraan, Alt)

Ich folge dir nach,
Ich will hier bei dir stehen.
Verachte mich doch nicht!
durch Speichel und Schmach,
Von dir will ich nicht gehen.
am Kreuz will ich dich
noch umfangen,
bis dir dein Herze bricht.
dich lass ich nicht aus meiner Brust,
Wenn dein Haupt wird erblassen
im letzten Todesstoss.
und wenn du endlich scheiden musst,
Alsdenn will ich dich fassen,
sollst du dein Grab in mir erlangen.
in meinen Arm und Schoss.

3. Rezitativ (Tenor)

Nun will ich mich,
mein Jesu, über dich
in meinem Winkel grämen.
Die Welt mag immerhin
den Gift der Wollust zu sich nehmen,
ich labe mich an meinen Tränen
und will mich eher nicht
nach einer Freude sehnen,
bis dich mein Angesicht
wird in der Herrlichkeit erblicken,
bis ich durch dich erlöset bin;
da will ich mich mit dir erquicken.

4. Arie (Bass)

Es ist vollbracht,
das Leid ist alle,
wir sind von unserm Sündenfalle
in Gott gerecht gemacht.
nun will ich eilen
und meinem Jesu Dank erteilen;
Welt, gute Nacht!
Es ist vollbracht!

5. Choral

Jesu, deine Passion
ist mir lauter Freude,
deine Wunden, Kron und Hohn
meines Herzens Weide.
Meine Seel auf Rosen geht,
wenn ich dran gedenke;
in dem Himmel eine Stätt
mir deswegen schenke.



Vertaling

1. Arioso (Jezus) en recitatief (ziel)

Zie!
Kom, kijk toch, neem waar wat er gebeurt,
waar gaat jouw Jezus heen?
Wij zijn op weg omhoog
O, zware gang! Op weg omhoog?
O, ontzagwekkende berg, die mij mijn zonden toont!
Hoe zwaar zal de weg omhoog zijn!
de weg naar Jeruzalem.
Ach, ga niet!
Je kruis is al opgesteld,
waaraan je dood zult bloeden;
hier worden gesels gezocht en daar bindt men roeden;
de banden wachten op je;
ach, ga er toch niet heen!
Maar als jij blijft staan,
dan zou ik zelf
niet naar Jeruzalem gaan,
maar overgeleverd zijn aan de hel.

2. Aria met koraal (sopraan, alt)

Ik volg je
Ik wil hier naast je staan,
veracht mij toch niet!
door spuug en schande;
Ik wil niet van jou wijken,
zelfs aan het kruis wil ik je
nog omarmen,
tot je hart breekt.
ik laat je niet gaan uit mijn borst,
Als jouw hoofd verbleekt
in de laatste doodssteek.
en als je eindelijk van ons heengaat,
Wil ik je vasthouden,
dan zul je je graf in mij vinden.
in mijn armen en mijn schoot.

3. Recitatief (tenor)

Nu wil ik mij,
mijn Jezus om jou
treurig terugtrekken in mijn hoekje;
De wereld neemt misschien
het gif van de wellust tot zich,
maar ik laaf mij aan mijn tranen
en wil juist niet
verlangen naar vreugde,
tot ik jouw aangezicht
in alle heerlijkheid zal aanschouwen,
tot ik door jou ben verlost;
dan wil ik in jou tot leven komen.

4. Aria (bas)

Het is volbracht,
het lijden is voorbij,
onze zondeval is weggenomen
door God.
Nu wil ik spoedig
mijn Jezus mijn dank betuigen.
Wereld, goede nacht!
Het is volbracht!

5. Koraal

Jezus, jouw lijden
is mij een vreugde,
jouw wonden, kroon en bespotting
de weide voor mijn hart;
mijn ziel gaat over rozen,
als ik dat bedenk.
Schenk mij daarom
een plaatsje in de hemel.


Print

Deze werken vind je misschien ook mooi