Wachet auf, ruft uns die Stimme

Origineel

1. Choral

Wachet auf, ruft uns die Stimme,
der Wächter sehr hoch auf der Zinne,
wach auf, du Stadt Jerusalem!
Mitternacht heisst diese Stunde,
sie rufen uns mit hellem Munde,
wo seid ihr klugen Jungfrauen?
Wohlauf, der Bräutgam kömmt,
steht auf, die Lampen nehmt!
Alleluja! Macht euch bereit
zu der Hochzeit, ihr müsset ihm
entgegen gehn!

2. Rezitativ (Tenor)

Er kommt, er kommt,
der Bräut’gam kommt!
Ihr Töchter Zions, kommt heraus,
sein Ausgang eilet aus der Höhe
in euer Mutter Haus.
Der Bräutgam kommt, der einen Rehe
und jungen Hirsche gleich
auf denen Hügeln springt
und euch das Mahl der Hochzeit
bringt. Wacht auf, ermuntert euch!
den Bräutgam zu empfangen!
Dort, sehet, kommt er hergegangen.

3. Duett (Sopran - ziel, Bass - Jesus)

Seele
Wenn kömmst du, mein Heil?
Jesus
Ich komme, dein Teil.
Seele
Ich warte mit brennenden Öle.
Eröffne den Saal.
Jesus
Ich öffne den Saal
Seele, Jesus
zum himmlischen Mahl.
Seele
Komm, Jesu!
Jesus
Ich komme, komm, liebliche Seele!

4. Choral (Tenor)

Zion hört die Wächter singen,
das Herz tut ihr vor Freuden springen,
sie wachet und steht eilend auf.
Ihr Freund kommt von Himmel prächtig,
von Gnaden stark,
von Wahrheit mächtig,
ihr Licht wird hell,
ihr Stern geht auf.
Nun komm, du werte Kron,
Herr Jesu, Gottes Sohn!
Hosianna!
Wir folgen all
zum Freudensaal
und halten mit das Abendmahl.

5. Rezitativ (Bass)

So geh herein zu mir,
du mir erwählte Braut!
Ich habe mich mit dir
von Ewigkeit vertraut.
Dich will ich auf mein Herz,
auf meinen Arm gleich wie
ein Sigel setzen,
und dein betrübtes Aug’ ergötzen.
Vergiss, o Seele, nun
die Angst, den Schmerz,
den du erdulden müssen;
auf meiner Linken sollst du ruhn,
und meine Rechte soll dich küssen.

6. Duett (Sopran - ziel, Bass - Jesus)

Seele
Mein Freund ist mein,
Jesus
und ich bin sein,
Seele, Jesus
die Liebe soll nichts scheiden.
Seele

Ich will mit dir
Jesus
du sollst mit mir
Seele, Jesus
im Himmels Rosen weiden,
da Freude die Fülle, da Wonne wird sein.

7. Choral

Gloria sei dir gesungen,
mit Menschen- und englischen Zungen,
mit Harfen und mit Zimbeln schon.
Von zwölf Perlen sind die Pforten,
an deiner Stadt sind wir Konsorten
der Engel hoch um deine Thron.
Kein Aug’ hat je gespürt,
kein Ohr hat je gehört
solche Freude!
Des sind wir froh,
io, io!
ewig in dulci jubilo.




Vertaling

1. Koraal

Word wakker, roept tot ons de stem
van de wachters hoog op de tinnen,
word wakker, stad Jeruzalem!
Dit uur heet middernacht,
waarin zij ons roepen met heldere stem,
waar zijn jullie, wijze meisjes?
Zie, de bruidegom komt,
sta op en neem jullie lampen!
Halleluja! Bereid jullie voor
op het bruiloftsfeest,
ga hem tegemoet!

2. Recitatief

Hij komt, hij komt,
de bruidegom komt!
Kom naar buiten dochters van Sion,
hij komt uit de hoge
het huis van jullie moeders binnen.
De bruidegom komt, die net als een ree
of een jong hert
over de heuvels dartelt
en jullie het bruiloftsmaal brengt.
Word wakker en verheug jullie!
Ontvang de bruidegom!
Kijk, daar komt hij aangelopen.

3. Duet

ziel
Wanneer kom je, mijn heiland?
Jezus
Ik kom en ben een deel van je.
ziel
Ik wacht op je met brandende olie.
Open de zaal
Jezus
Ik open de zaal
ziel, Jezus
voor het hemelse maal.
ziel
Kom, Jezus!
Jezus
Ik kom, kom, lieflijke ziel!

4. Koraal

Sion hoort de wachters zingen,
haar hart springt op van vreugde,
ze ontwaakt en staat snel op.
Haar geliefde komt uit de prachtige hemel,
hij is sterk in zijn genade en
machtig in zijn waarheid,
haar licht wordt helder en haar ster komt
aan de hemel te staan.
Kom nu, kroon op deze aarde,
Here Jezus, zoon van God,
hosanna!
Wij volgen u allen
naar de zaal van de vreugde
en zitten aan bij het avondmaal.

5. Recitatief

Kom tot mij,
uitverkoren bruid!
Ik ben met jou
in eeuwigheid verbonden.
Ik wil je inprenten in mijn hart,
op mijn arm zetten als een zegel,
en je bedroefde ogen
vreugde geven.
Vergeet nu, ziel,
de angst, de pijn,
die je hebt moeten dulden;
rust uit op mijn linker,
mijn rechter zal u kussen.

6. Duet

ziel
Mijn geliefde behoort mij toe,
Jezus
en ik behoor toe aan de ziel,
ziel, Jezus
deze liefde zal door niets worden gescheiden.
ziel
Ik wil met jou
Jezus
jij gaat met mij
ziel, Jezus
op hemelse rozen weiden,
daar zijn vreugde, overvloed en geluk.

7. Koraal

Laat een gloria voor jou klinken,
gezongen door mensen- en
engeltongen, begeleid door harpen
en cimbalen. Uit twaalf parels zijn de
poorten, bij jouw stad zijn wij de
consorten van de engelen die hoog
om je troon zweven. Geen oog heeft
ooit gezien, en geen oor ooit gehoord
dat er zo’n vreugde zou kunnen
heersen, daarom zijn wij verheugd,
en zingen io, io,
een eeuwig in dulci jubilo.