All of Bach: een project van de Nederlandse Bachvereniging

Herr Gott, Dich loben alle wir

BWV 130 uitgevoerd door de Nederlandse Bachvereniging onder leiding van Jos van Veldhoven
Martinikerk, Groningen

Waarom pakt Bach op het feest van Sint Michaël met zoveel middelen uit?

De oude draak

Alles komt uit de kast in 'Herr Gott, dich loben alle wir'; van spektakel met trompetten en pauken tot een intiem loflied.

Het gaat hier over strijd, over het eeuwigdurende gevecht tussen goed en kwaad – in dit geval in de gedaante van een draak. Meteen bij de eerste noten is wel duidelijk wie er wint: Gods engelen. God wordt geloofd en bedankt met triomfmuziek en de drie trompetten en pauken maken het extra feestelijk. Boven alles uit klinkt in de sopraanpartij het koraal Herr Gott, dich loben alle wir.
De bas bezingt in zijn aria hoe akelig de duivel kan zijn. Waakzaamheid is geboden want hij is listig, nijdig en kent geen rust. Dat hoor je terug in de duivelse loopjes in de trompetpartij. Heel lieflijk is juist de begeleiding van de tenor. Hij vraagt in een zachtmoedige lofzang met een engelachtige fluitsolo de engelen om bescherming. Tot slot stemt het hele ensemble weer in met triomfmuziek met dezelfde melodie als in het begin, maar dan homofoon gezet; de tekst klinkt in alle stemmen tegelijk. Zo komt de boodschap nog krachtiger over.

Bach schreef deze cantate voor de naamdag van aartsengel Michaël. Die verslaat volgens het bijbelboek Openbaring in de hemel met zijn engelentroepen de draak. Hiermee werd het kwaad niet uitgeroeid, maar wel op aarde teruggeworpen. Op deze dag overheerst dan ook het rotsvaste vertrouwen dat het goede het kwade zal overwinnen. Bach zette in deze cantate dan ook een feestensemble in, met trompetten, hobo’s, pauken, een traverso en strijkers. 


BWV
130

Titel
Herr Gott, dich loben alle wir

Genre
cantate (koraalcantate)

Jaartal
1724

Stad
Leipzig

Tekstdichter
onbekend, naar gelijknamig lied van Paul Eber (1554)

Bestemming
Michaelsfeest (29 september)

Cast & Crew

Publicatiedatum 2 mei 2014
Opnamedatum 5 oktober 2013
Locatie Martinikerk, Groningen
Dirigent Jos van Veldhoven
Sopraan Maria Keohane
Alt Maarten Engeltjes
Tenor Benjamin Hulett
Bas Christian Immler
koor SOPRAAN Monica de Jesus Monteiro, Hilde Van Ruymbeke, Klaartje van Veldhoven, Orlanda Velez Isidro
koor ALT Victoria Cassano McDonald, Gemma Jansen, Saskia Kruysse, Elena Pozhidaeva
koor TENOR Yves van Handenhove, Diederik Rooker, Kevin Skelton, Ronald Threels
koor BAS Donald Bentvelsen, Jelle Draijer, Michiel Meijer, Frank Hermans
VIOOL 1 Shunske Sato, Lidewij van der Voort, Hanneke Wierenga
VIOOL 2 Pieter Affourtit, Anneke van Haaften, Paulien Kostense
Altviool Deirdre Dowling, Jan Willem Vis
Cello Lucia Swarts, Barbara Kernig
Contrabas Joshua Cheatham
traverso Marten Root
Hobo Martin Stadler, Peter Frankenberg, Sarah Aßmann
Fagot Benny Aghassi
Trompet Robert Vanryne, Mark Geelen, Michael Harrison
Pauken Luuk Nagtegaal
KLAVECIMBEL Siebe Henstra
GROOT ORGEL Leo van Doeselaar
REGISTRANT Tim Knigge
PRODUCTIE CONCERT Imke Deters, Marco Meijdam
Productie Frank van der Weij
CAMERAREGIE Lucas van Woerkum
DIRECTOR OF PHOTOGRAPHY Sal Kroonenberg
CAMERA Robert Berger, Jorrit Garretsen, Sal Kroonenberg
MONTAGE Lucas van Woerkum, Frank van der Weij
MUZIEKOPNAME Leo de Klerk
LICHT Alban Riphagen
PRODUCTIE-ASSISTENTIE Zoë de Wilde
PARTITUURcoaching Jan Van den Bossche
MAKE UP Marloes Bovenlander, Jamila el Bouch, Emine Camadan
CAMERA-ASSISTENT Chris Tjong Ayong
ASSISTENT MUZIEKREGISSEUR Mieneke van der Velden
GELUIDS-ASSISTENTEN Jaap van Stenis, Gilius Kreiken
MUZIEKMONTAGE EN –MIXAGE Leo de Klerk, Frank van der Weij
MUZIEKMONTAGE ASSISTENT Martijn Snoeren
Kleurcorrectie Geert van Schoot
Met dank aan Jan Haak

Vocale teksten

Origineel

1. Choral

Herr Gott, dich loben alle wir
und sollen billig danken dir
für dein Geschöpf
der Engel schon,
die um dich schwebn
um deinen Thron.

2. Rezitativ (Alt)

Ihr heller Glanz
und hohe Weisheit zeigt,
wie Gott sich zu
uns Menschen neigt,
der solche Helden,
solche Waffen
vor uns geschaffen.
Sie ruhen ihm zu Ehren nicht;
ihr ganzer Fleiss
ist nur dahin gericht’,
dass sie, Herr Christe,
um dich sein
und um dein
armes Häuflein:
wie nötig ist doch
diese Wacht
bei Satans Grimm
und Macht?

3. Arie (Bass)

Der alte Drache
brennt vor Neid
und dichtet stets
auf neues Leid,
dass er das kleine
Häuflein trennet.
Er tilgte gern,
was Gottes ist,
bald braucht er List,
weil er nicht Rast
noch Ruhe kennet.

4. Rezitativ (Sopran, Tenor)

Wohl aber uns, dass Tag und Nacht
die Schar der Engel wacht,
des Satans Anschlag zu zerstören!
Ein Daniel, so unter Löwen sitzt,
erfährt, wie ihn die Hand des Engels schützt.
Wenn dort die Glut
in Babels Ofen keinen Schaden tut,
so lassen Gläubige ein Danklied hören,
so stellt sich in Gefahr
noch itzt der Engel Hülfe dar.

5. Arie (Tenor)

Lass, o Fürst der Cherubinen,
dieser Helden hohe Schar
immerdar deine Gläubigen bedienen;
dass sie auf Elias Wagen
sie zu dir gen Himmel tragen.

6. Choral

Darum wir billig loben dich
und danken dir, Gott, ewiglich,
wie auch der lieben Engel Schar
dich preisen heut und immerdar.
Und bitten dich, wollst allezeit
dieselben heissen sein bereit,
zu schützen deine kleine Herd,
so hält dein göttlichs Wort in Wert.

Vertaling

1. Koraal

Heer God, wij loven U allen,
en danken u terecht,
voor uw schepselen,
de engelen
en die om u
en om uw troon zweven.

2. Recitatief

Hun heldere glans
en grote wijsheid wijst ons,
hoe God zich
tot ons mensen neigt,
hij die zulke helden,
zulke wapens
voor ons geschapen heeft.
Zij rusten niet, om hem te eren;
al hun vlijt
richt zich enkel erop,
om u heen te zweven,
Heer Christus,
en om uw
hoopje armzaligen:
hoe zeer is
die waakzaamheid nodig
bij de kwaadheid
en macht van Satan?

3. Aria

De oude draak
brandt van nijd
en zint steeds
op nieuw leed,
om dat hoopje
armzaligen te scheiden.
Hij zou graag verdelgen
wat van God is,
en moet al snel sluw zijn,
want hij vindt
geen rust.

4. Recitatief

Hoe goed dat dag en nacht
de engelenschaar over ons waakt,
om de aanval van Satan af te wenden!
Daniël hoort, temidden van de leeuwen,
dat de hand van de engel hem beschermt.
Als de gloed in de ovens van Babel
geen schade aanricht,
dan laten de gelovigen een danklied horen,
zo is ook nu nog bij gevaar
de hulp van de engelen nabij.


5. Aria

Laat, o vorst van de cherubijnen,
deze hoge schaar van helden
altijd uw gelovigen bijstaan;
dat ze op de wagen van Elias
ten hemel worden gedragen.

6. Koraal

Daarom loven wij u terecht
en danken u eeuwig, God,
net als de lieve schaar van engelen
u steeds opnieuw prijst.
En vragen u om altijd
bereid te zijn,
om uw kleine kudde te beschermen,
en zo uw goddelijke woord te houden.

Print

Deze werken vind je misschien ook mooi